Iedere stap heeft een eigen uitkomst. Die bepaalt de volgende stap.
01Kijken
Het werk wordt gevolgd zoals het vandaag gebeurt: waar informatie wordt opgezocht, vergeleken, overgetypt of nagejaagd, en waar een medewerker werkelijk oordeelt.
Wat u krijgt
Een beeld van uw proces in uw eigen woorden. Welk deel voorspelbaar is. Waar oordeel nodig blijft.
Bij de order: welke controles komen bij iedere order terug, en bij welke maakt iemand echt een keuze.
02Testen
Een afgesproken set van uw eigen gegevens, bijvoorbeeld historische orders. Niet live, niet in uw productieproces.
Wat u krijgt
Een uitkomst per geval. Wat automatisch had kunnen doorlopen. Wat naar een medewerker moet. Welke informatie ontbrak. Wat niet lukte.
Bij de order: per order of deze had kunnen doorlopen, en zo niet, waarom.
03Rekenen
Alleen tijd die aantoonbaar anders kan worden ingezet, telt mee.
Wat u krijgt
Een businesscase met de gegevens eronder en een advies: doorgaan, aanpassen of niet bouwen. Laat de test geen businesscase zien, dan adviseren wij niet te bouwen. U heeft dan betaald voor een onderbouwde beslissing, niet voor een oplossing die zich niet terugverdient.
Bij de order: alleen orders zonder menselijke beslissing tellen mee.
04Bouwen en draaien
Gebouwd wordt wat de test heeft onderbouwd, niet meer. Aangesloten op de software die u al gebruikt.
Wat u krijgt
Voorspelbaar werk loopt door. Uitzonderingen komen met context bij een medewerker. Eén aanspreekpunt voor oplevering, bewaking en onderhoud.
Bij de order: orders zonder afwijking stromen door naar het ERP. Een prijsafwijking staat klaar voor de medewerker, met de afwijking erbij.